Verdrag van Achterveld

De winter van 1944-1945 was ongekend streng, wat leidde tot wijdverbreide ontberingen en hongersnood in het westen van het land. Tegen april 1945 stierven talloze burgers. De geallieerden besloten met de Duitsers te onderhandelen over voedselhulp. Op 28 april 1945 vonden de gesprekken plaats in het dorpje Achterveld. Dit resulteerde in operatie Manna, voedseldroppings door bommenwerpers. Ook werden voorraden aangevoerd per schip en over de weg. Canadese vrachtwagens brachten elke dag 300 ton voedsel naar het Nude in Wageningen. Enorme hoeveelheden voedselpakketten lagen opgestapeld langs de weg van Wageningen naar Rhenen. De Canadezen leverden 750 drietonners. Vervolgens transporteerden Nederlandse vrachtwagenchauffeurs het voedsel naar distributiepunten verspreid over het land. De leveringen van de pakketten begonnen op 2 mei 1945. Eén week later passeerden elke 30 minuten, 30 vrachtwagens de demarcatielijn.

Meer informatie; klik hier!

.

De besprekingen in de St. Josephschool tijdens de tweede wereldoorlog.

In 1945 werd in de toenmalige St. Josephschool (nu de Moespot) op 28 en 30 april onderhandeld door geallieerde en nazi-generaals over onder andere voedseldroppingen in het westen. Zo zouden de mensen, die in de hongerwinter honger leden, weer voedsel hebben. De droppings werden operartie Manna genoemd. Het Akkoord van Achterveld was de wegbereider voor de capitulatie van Nazi-Duitsland op 5 mei 1945 in Wageningen. We vinden het heel bijzonder dat onze school de locatie was van zo’n belangrijke gebeurtenis.

Akkoord van Achterveld

Prins Bernard

Prins Bernard Achterveld

RTV Utrecht

Kerk beschoten

WO II

Geheime besprekingen in St. Joseph school

WO II

Achterveld maakte spannende dagen mee.

Op de 17e april 1945 waren de Canadezen, zonder een schot te lossen, Barneveld binnengerukt, terwijl enige uren tevoren de Duitsers zich achter de linie tussen Achterveld en Hamersveld, hadden teruggetrokken.

Dagenlang lag Achterveld in “niemandsland” en telkens deden zich schermutselingen voor tussen de voorposten van beide legers. Zo bracht een patrouille Duitsers op woensdag 18 april een flinke hoeveelheid springstoffen aan in de toren van de kerk, om deze te laten springen. Gelukkig wist een kleine groep Canadezen dit weer te voorkomen.

Om beurten bevrijd en dan weer bezet, duurde dit voort tot zaterdag 21 april, toen ’s avonds een afdeling Canadezen haar intrek nam in de buurt van de St. Josephschool, die de hele winter bezet was geweest en door granaatvuur “ruitloos” was geworden.

Het bleef echter onrustig tot 28 april. De St. Josephschool was schoongemaakt en de kapotte ruiten gedicht met doeken. Tegen elf uur werd rondom de school en kerk alles afgezet met Canadese politie. Uit de richting Barneveld kwamen plotseling tientallen auto’s met legerautoriteiten. Ze verdwenen in de opgezette tenten en in de school. Even later een grote wagen. Prins Bernard was in enkele ogenblikken verdwenen in de schoolgang.
Tegen twaalf uur kwamen uit de richting Terschuur drie jeeps met witte vlaggen. Voor de school stopten ze en de Duitse inzittenden werden binnengeleid. Na de komst van een Russische generaal gingen de schooldeuren tot een uur of vier dicht.

Na afloop van de bijeenkomst ging de Duitse delegatie weer de jeeps in, verdween de Prins in de richting van Terschuur en even later de Canadese en Engelse bevelhebbers richting Barneveld.

De achterblijvers mochten gissen. Men sprak over voedselvoorzieningen en een enkeling durfde het woord “vrede” in de mond te nemen.
Op 30 april 1945 weer een grote conferentie. De Duitse delegatie met aan het hoofd Seyss-Inquart trok de school binnen. Verder een bonte mengeling van uniformen: Engelse, Amerikaanse, Canadese, Schotse en Russische. Ook Prins Bernard was, op de dag van de verjaardag van zijn vrouw, weer aanwezig. In de school werd wederom druk geconfereerd en ’s avonds om ongeveer half zeven gingen ze weer uit elkaar.
Later bleek dat voor hongerend West-Nederland belangrijke afspraken waren gemaakt voor o.a. de voedseldroppingen. Daarnaast is er zeer waarschijnlijk gesproken over de volledige capitulatie van de Duitsers, die op 4 mei te Wageningen werd ondertekend.

WO II
WO II (9)

Prins Bernhard beleefde misschien wel zijn grootste “overwinning” in zijn functie als opperbevelhebber van het Nederlandse leger in Achterveld.

In de Achterveldse Moespot – destijds nog als lagere school St. Joseph  in gebruik – voerde de prins met niemand minder dan rijkscommissaris Seyss Inquart, gesprekken over het organiseren van voedseldroppingen boven bezet Nederland.

WO II
WO II (10)
WO II

Lange tijd na de historische en succesvolle onderhandelingen in de St. Josephschool (nu de Moespot), bracht de prins opnieuw een bezoek aan Achterveld (2 april 1970, 25 jaar Bevrijdingsdag).

WO II

“Een hinkepoot was het, die Seyss Inquart.
Mank was hij, vandaar. En hij was altijd chagrijnig, altijd.
Maar toen hij prins Bernhard in ZIJN Mercedes met een Duits nummerbord zag zitten, keek hij NOG chagrijniger”.

Jan Schouten

WO II
WO II

“We durfden niet, dus is onze moeder met ons meegelopen”

Marietje Kok

Marietje (9 jaar) en Corry Kok (7 jaar) waren getuigen van het bezoek van prins Bernhard en Seyss Inquart aan Achterveld, op 30 april 1945.

“We hadden thuis witte en paarse seringen staan” weet Marietje later nog goed. “M’n moeder was resoluut: ze haalde de twee bossen uit de vazen, draaide om elk wat zilverpapier en liep met ons mee. De prins nam ze met een grote glimlach in ontvangst en hij zei: “Ik ben de verjaardag van mijn vrouw helemaal vergeten, door al die drukte!”

WO II (2)

Op de bon

WO II (1)

Noodschool

WO II (3)
Neem contact met ons op

Stuur ons een bericht en we nemen zo snel mogelijk contact met je op!

Not readable? Change text. captcha txt